Het nieuwe pensioenstelsel is vooral relevant voor de jongere werknemers. Toch hebben negen van de tien mensen tussen de twintig en veertig jaar nauwelijks een idee wat het nieuwe systeem gaat brengen. Dat blijkt uit onderzoek van Motivaction in opdracht van Aegon. Lichtpuntje in de uitslag: wie wél snapt wat er verandert, heeft meer vertrouwen in het pensioen.

Het nieuwe pensioenstelsel is ontworpen door de sociale partners en wordt dit jaar door de politiek omgezet in wetgeving. Het zal vooral van invloed zijn op de jongere generatie die haar pensioen de komende decennia in het nieuwe stelsel gaat opbouwen. Pensioen wordt transparanter en persoonlijker, en het sluit beter aan op ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Werknemers lopen beleggingsrisico’s, wat kan leiden tot een hoger of lager pensioen. Aegon liet uitzoeken of de uitgangspunten van het nieuwe pensioenstelsel passen bij de levensfasen en houding van de werkenden onder de veertig jaar.

Beleggingsrisico

De afspraken uit het nieuwe pensioenstelsel worden matig tot zeer matig gedragen door de jongeren. Vooral het beleggingsrisico schrikt af. Slechts 20% steunt het idee dat de pensioenuitkering afhankelijk is van de beleggingsrendementen van hun pensioenfonds of verzekeraar. De verplichte onderdelen (zoals verplicht pensioen opbouwen via je werkgever) spreken meer aan dan keuzevrijheid. Het hoogste rendement is leidend in de wensen en voorkeuren. Ondanks de hang naar zekerheid, zou een derde graag voor de pensioenleeftijd een deel willen opnemen uit de pensioenpot.

Duurzaam

Wie denkt dat jongeren koste wat kost duurzaam willen beleggen, zit ernaast. Het vermoeden dat duurzaam beleggen ten koste gaat van de eigen opbrengst (1 op de 3) is groter dan het vermoeden dat het juist tot een hoger rendement leidt (1 op de 5). Toch is er een lichte voorkeur voor rekening houden met duurzaamheid (54%) boven een hoger pensioen. Jongeren geven het duurzaam beleggen wel graag uit handen. Van hen vindt 55% het een taak voor hun pensioenuitvoerder (pensioenfonds of verzekeraar) om bij het beleggen rekening te houden met mens en milieu, 45% vindt dat hun uitvoerder daarin moet samenwerken met andere uitvoerders.

Kennis is vertrouwen

Een lichtpuntje tussen de enorme onbekendheid en de twijfels of het allemaal wel goed komt: jongeren die béter geïnformeerd zijn over het nieuwe pensioenstelsel, staan er positiever tegenover en hebben er meer vertrouwen in. Ook jongeren die lid zijn van een vakvereniging (dat is 22%) zijn positiever. Onder jongeren is er draagvlak voor de principes achter het nieuwe systeem. Een meerderheid staat neutraal (25%) of positief (42%) tegenover het idee dat pensioen moet meebewegen met de economie, vooral jongeren die goed op de hoogte zijn van de komende veranderingen, steunen dat (57%). Ook het principe dat het nieuwe pensioenstelsel minder belooft en meer waar moet maken, krijgt van hen ruime steun.

“Beter begrip”

Aegon-directielid Pauline Derkman ziet een flinke communicatieopgave voor de pensioensector. “Het nieuwe pensioen is nog onbekend onder jongere werknemers en dat is jammer. Deze generatie werkenden leeft langer en wisselt vaker tussen vast en flexibel dienstverband. Of neemt een tussentijds sabbatical. Een goed opgebouwd pensioen en vertrouwen in het systeem zijn daardoor des te belangrijker. Er komt meer verantwoordelijkheid bij de werknemers te liggen en dat kan alleen als er meer begrip is van wat er gaat veranderen. Uit ons onderzoek blijkt dat beter begrip bijdraagt aan interesse en vertrouwen.”

Pensioen opbouwen

Er is maar beperkte animo om zelf heel veel invloed uit te oefenen op het pensioen. De meest aansprekende mogelijkheid is zorgen dat je geen hypotheekschuld meer hebt als je met pensioen gaat (57%). Andere opties die meer eigen actie vereisen, spreken veel minder aan, zoals zelf beleggen via een bank of instituut (32%) of beleggen in crypto (20%). Zelf bepalen hoeveel risico je wil lopen, waarin je geld wordt belegd en welk percentage van je inkomen je daarvoor opzij wil zetten, spreken relatief het meest aan. Dit raakt keuzevrijheid. Het minst aantrekkelijk zijn de opties waarmee de zekerheid en de hoogte van de pensioenuitkering in het geding komen.

Solidariteit

Ook in het nieuwe pensioenstelsel is er een mate van solidariteit gebleven. Er is een wens om pensioen ‘met zijn allen’ op te bouwen, 45% wil een deel van het risico en het rendement van het eigen pensioenvermogen delen met andere deelnemers. Solidariteit tussen generaties is minder in trek. Zo vindt maar 29% het acceptabel als in een jaar jongere deelnemers een deel van hun pensioenvermogen verliezen terwijl oudere deelnemers in dat jaar geen vermogen verliezen. Onder de jongeren die zeggen goed op de hoogte te zijn van het nieuwe systeem is dat percentage trouwens spectaculair hoger: 81%.

Lees meer »